Jonge bestuurder met handen aan het stuur die bij 30 graden in de zomerzon rijdt

Het kwik kruipt deze week richting de 35 graden. Het KNMI gaf code geel af en het Nationaal Hitteplan is van kracht, met een hittegolf die volgens de weerdienst tot dinsdag 23 juni aanhoudt. Bij zulke temperaturen verandert je auto binnen een kwartier in een oven en vraagt rijden net even meer van je dan op een gewone dag. Vijf dingen waar je op let als je toch de weg op moet.

1. Zet de airco verstandig aan

De verleiding is groot om de airco op de koudste stand te knallen, maar dat is geen goed idee. De ANWB raadt aan de airco niet kouder te zetten dan 6 graden onder de buitentemperatuur. Stap je uit een ijskoude auto de hitte in, dan kun je last krijgen van hoofdpijn, keelpijn of droge ogen. Houd je ramen dicht zodat de koeling zijn werk doet. Wel goed om te weten: airco kost brandstof, dus rij je rustig en kijk je ver vooruit, dan hou je het verbruik in toom. Hoe dat zit lees je in onze tips over rustig en vooruitziend rijden.

2. Controleer je bandenspanning

Warmte en banden zijn geen fijne combinatie. Een te zachte band wordt op een gloeiend wegdek extra heet, en dat vergroot de kans op een klapband. Meet je bandenspanning daarom als de banden nog koud zijn, bijvoorbeeld ’s ochtends voordat je wegrijdt, want na een paar kilometer geeft de meter een vertekend beeld. De juiste waarde staat op een sticker in het portier of bij de tankklep. Twijfel je over de staat van je banden? Lees dan waarom doorrijden met versleten banden juist in de zomer zo riskant is.

3. Onderschat de hitte-moeheid niet

Warmte maakt suf. Je concentratie zakt sneller weg en je reageert trager, precies wat je niet wilt in druk vakantieverkeer. Volgens kennisinstituut SWOV speelt vermoeidheid bij 15 tot 20 procent van alle ongevallen een rol, en het risico op een ongeluk is dan vier keer zo groot. De ANWB houdt een simpele vuistregel aan: rijd je een langere afstand, neem dan elke twee uur minstens een kwartier pauze. Ga je met de auto op pad voor een van deze roadtrips door Europa, plan die stops dan gewoon vooraf in.

4. Drink genoeg water

Het klinkt logisch, maar het wordt zo vergeten. De ANWB adviseert om voor iedereen in de auto een flesje water mee te nemen. Uitdroging gaat sneller dan je denkt, zeker bij kinderen, en het zorgt voor diezelfde sufheid en hoofdpijn die je achter het stuur kunt missen. Een paar slokken op tijd houdt je scherp.

5. Laat nooit iemand achter in de auto

Dit is de belangrijkste. In een auto in de zon loopt de temperatuur razendsnel op: zo’n 10 graden in tien minuten. Is het buiten 25 graden, dan zit je binnen al snel tegen de 35, en na een half uur boven de 40. Voor een kind of een hond is dat levensgevaarlijk. De Dierenbescherming waarschuwt al jaren dat een hond binnen een kwartier kan overlijden in een warme auto. Laat dus nooit een kind, een huisdier of een ander volwassene even in de auto wachten, ook niet met een raampje op een kier.

Voor ouders is dat laatste het bericht om mee te geven aan een zoon of dochter die net zelf rijdt. Wij oefenen tijdens de rijlessen ook hoe je omgaat met drukte, lange ritten en lastige omstandigheden, zodat je voorbereid de weg op gaat. Wil je kennismaken of je kind een goede start geven? Je kunt vrijblijvend een gratis proefles aanvragen en het zelf ervaren.